Preek kerstmorgen - ds. H. Smeets - Goede Herderkerk Preek kerstmorgen - ds. H. Smeets - Goede Herderkerk

Uitleg en verkondiging op Kerstmorgen – 25 december 2017 * ds. Smeets
 
Johannes 1: 5 en 14
 
Gemeente in Christus,
 
‘Het Woord is mens geworden’, zo heb ik het als titel aan deze dienst meegegeven, want dat willen we wel graag: dat Jezus mens geworden is en dat Hij medemens voor ons is, onder ons heeft gewoond als was Hij de buurman. Dan hebben wij tenminste iemand naast ons die betrouwbaar is en steun geeft in tijden dat het tegen zit. Op afroep beschikbaar. Maar het staat er niet, jammer.
Er staat dat het Woord vléés geworden is. Is dat een woordspelletje? Nee, daarmee bedoelt Johannes dat God is binnengekomen op heel het terrein van menselijke kwetsbaarheid en ellende, schuld en nood. Als Jezus zomaar mens geworden was, zou je nog kunnen denken: maar wat heb ik daaraan? Jezus is geen compliment aan ons soort voortreffelijke mensen, maar metgezel geworden voor allen die met hun mens-zijn geen raad weten, die overhoop liggen, verlegen zijn met….
Dat laatste kunnen we wel een beetje luchtig houden, soepeler maken. RTL en de Publieke Omroep hebben elke avond hun panels en talkshows. Iedereen mag er zijn of haar zegje doen maar heel wat keren laten ze elkaar niet eens uitpraten. De woorden worden een stroom, een brei, iedereen door elkaar, chaos, zoals het was in den beginne.
Heeft de hardste schreeuwer gelijk of heeft dat te maken met ieder voor zich, individualisme? Hoort bij onze tijd, denk ik. Woorden hebben, het hoogste woord! Maar hebben we elkaar ook wat te vertellen? Zou de ander mij wat te zeggen hebben, mij herkennen in waar ik mee zit, mijn kwetsbaarheid?
Lucas begint er zijn Evangelie mee. Hij knoopt een gesprek aan met de lezer van alle tijden. Op de voorpagina van de liturgie staat een afbeelding: Maria en Elisabeth, in gesprek. Waarover zijn die twee zo enthousiast? Hun gesprek gaat over Gods toekomst, nabije toekomst. Zij zijn de dragers van die verwachting en dat pakt ze!
Johannes begint wat zakelijker, meer nuchter. Hij grijpt terug naar de eerste bladzijde van de Bijbel, de chaos, waar God sprak. Als God de Heer spreekt, wordt het wat en dat blijkt goed. Je vind daar licht en leven, in den beginne.
Adam en Eva worden de eerste dragers van dat goede woord, maar hun benen zijn te slap; gewone mensen. Ze vallen over elkaar heen in hun excuus waarom het zover gekomen is.
In het allereerste begin was er Gods Woord, met Kerstmis komt het tot leven, wordt het vlees. God gunt ons allen het licht in de ogen. Dat maakt Hij duidelijk door deze Zoon, Jezus Christus, het licht voor de wereld.
Daar is het in beginsel, dus uiteindelijk om te doen. Er mag een einde zijn aan alle gesukkel, aan strijden en lijden waarbij je de tranen in de ogen springen.
Van meet af aan is bij álle evangelisten duidelijk dat deze boodschap  tegengesproken en tegengewerkt zal worden, variërend van de kindermoord in Bethlehem tot het duister bij Johannes. Er zal geprobeerd worden om het te overstemmen. Alleen: deze bemoediging, deze opwekking, dit leven, dit licht, dit Woord bestaat in eeuwigheid. Je wordt er stil van… eh méns,

terug